26 feb Onderzoek | Sociale steun speelt rol in zorggebruik binnen de ggz
Bron: Radboud Universiteit
Mensen met ernstige psychiatrische problemen krijgen meer zorg als het slecht met hen gaat en minder zorg zodra het beter gaat – dat is de geldende opvatting in de geestelijke gezondheidszorg. Volgens onderzoeker Thijs Beckers ligt dit genuanceerder. Sociale steun speelt een cruciale rol bij zowel het krijgen van de juiste zorg als het afbouwen van zorg. Beckers promoveerde op 13 februari aan de Radboud Universiteit.
Als verpleegkundig specialist bij de MET ggz maakte Thijs Beckers kennis met twee jonge mannen die met soortgelijke psychische klachten kampten, maar ieder heel verschillend zorg gebruikten. Eén van hen kwam één keer per maand bij de ggz voor een behandeling, de ander meerdere keren per week. Beckers ontdekte dat sociale steun uit de omgeving ermee te maken had dat de ene patiënt vijftien keer meer zorg gebruikte dan de andere.
“We denken altijd dat als je veel mensen om je heen hebt, je niet zoveel psychiatrische zorg nodig hebt omdat je sociale kring naar je kan luisteren en je kan helpen. Als je weinig mensen om je heen hebt, heb je meer zorg nodig, is de gedachte”, stelt Beckers. Voor zijn promotieonderzoek volgde hij vier jaar lang bijna driehonderd mensen met psychische klachten. “Opvallend genoeg blijkt dat je sociale kring ervoor kan zorgen dat je meer zorg gaat gebruiken. Zij slaan bijvoorbeeld met de vuist op tafel als ze zien dat hun familielid of vriend hulp nodig heeft.” Psychiatrische zorg wordt wel ook sneller afgebouwd wanneer het beter gaat met een cliënt met veel sociale steun, omdat de sociale kring bepaalde zorgtaken overneemt.
Afhankelijk van zorg
Mensen met een kleine sociale kring krijgen daarentegen vaak jarenlang dezelfde intensiteit aan psychiatrische zorg. Beckers noemt als voorbeeld een dakloze die tijdens koude nachten in de opvang slaapt, overdag op straat leeft en depressief wordt. “Doordat zij niemand hebben die hen bijstuurt of zorg voor hen regelt, moet er eerst heel wat gebeuren voordat diegene de juiste hulp krijgt”, aldus Beckers.
Langdurig dezelfde zorg krijgen, kan ervoor zorgen dat iemand afhankelijk wordt van hulpverlening. “Bij langdurige zorg kijkt er constant iemand mee in je leven die ook wat verantwoordelijkheid over jouw gedrag neemt. Iemand met financiële problemen bijvoorbeeld wordt door een hulpverlener teruggefloten als die het te bont maakt”, vertelt Beckers. “Dat tast je eigenwaarde en zelfregie aan, omdat het vertrouwen om het in de toekomst zelf te doen afneemt.”
Koffiedrinken met de buurvrouw
In Nederland worden op grote schaal maatjesprojecten en groepstrainingen voor sociale vaardigheden ingezet bij patiënten met psychiatrische problemen. Beckers stelt dat het vergroten van de sociale steun bij deze groep veel beter werkt. Dat blijkt niet gemakkelijk; veel maatregelen die worden ingezet om eenzaamheid tegen te gaan, zoals maatjesprojecten bij ouderen, werken bij mensen met zware psychiatrische problemen vaak niet. “Een band opbouwen met een nieuw persoon is best lastig en kwetsbaar. Voor deze groep werkt het beter als je kijkt naar de sociale omgeving die een patiënt al heeft en daar verder aan werkt. Bijvoorbeeld één keer per week koffiedrinken met de buurvrouw waar je al vaker een praatje mee maakt. Als we het bestaande netwerk gebruiken en de sociale steun vergroten, krijgen mensen vaker en sneller de zorg die zij nodig hebben.”
– Dit artikel verscheen eerder op Radboud Recharge. –
Geen reactie's